Geschiedenis

 

Papvreters

De bewoners, Groedenaren, worden ook wel ‘papvreters’ genoemd. Dat heeft te maken met de heerlijke paptaarten die de landeigenaren aan de boeren aanboden na het betalen van de jaarlijkse pacht op 1 oktober. Ook mocht de lekkernij niet ontbreken op de tiende verjaardag van een kind. De taarten zijn tegenwoordig bij vrijwel elke bakker in de streek te koop. Smullen maar!

 

Rode Kruis dorp

Veel van de historie is nog steeds te zien in en om Groede. Omdat het een Rode Kruis dorp was, met een duidelijk zichtbaar rood kruis op de kerk, bleef het vrijwel helemaal gespaard in de Tweede Wereldoorlog. Op de haast Frans aandoende Markt met schilderachtige geveltjes waan je je als God in Frankrijk!

 

Verder terug in de tijd 

De oudste vermelding van Groede dateert uit het begin van de 12e eeuw. Op dat moment wordt de naam Groede vermeld in een oorkonde van de Gentse Sint-Pietersabdij die in West-Zeeuws-Vlaanderen veel grond bezat. De naam ‘Groede’ is waarschijnlijk afkomstig van ‘grode’, een term die in de middeleeuwen doelde op aangeslibd en begroeid buitendijks land. Heel waarschijnlijk was het aan het begin van de 13de dus nieuw ontgonnen gebied. Ten noorden van Oostburg vormden zich destijds langs de toenmalige kustlijn natuurlijke schorren. Aangezien het eerste Groede waarschijnlijk geen geconcentreerde dorpskern bezat, werd Groede in de parochie van Oostburg ondergebracht.

 

Pas in de 14de eeuw zal er sprake geweest zijn van een echte dorpskern. Zeker is dat er in diezelfde 14de eeuw een ‘Waterschap Groede’ bestond, dat zorg moest dragen voor de lokale waterhuishouding. De kerktoren van de huidige kerk dateert uit de 15de eeuw.

 

De geschiedenis van West-Zeeuws-Vlaanderen, en dus ook van Groede, is sterk getekend door de vele overstromingen, al dan niet natuurlijk van aard. Terwijl de 13de eeuw in het teken stond van massale inpoldering, is het einde van de 14de eeuw en het begin van de 15de eeuw voornamelijk een periode van overstromingen. De bekendste zijn de Sint-Elisabethsvloed in 1404, 1421 en 1424 en de stormvloed in 1375/1376. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) waren er vele militaire inundaties. Tussen 1583 en 1612 stond Groede blank. Enkel de kerktoren was nog zichtbaar. Tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621), een rustpauze in de gevechten, kwam de streek op adem. In Groede begon men al snel met de heropbouw: in 1613 werden dijken gebouwd en nog in datzelfde jaar stond er reeds een nieuwe Waalse kerk. De eerste kerkrekeningen dateren van 1615.

 

Standbeeld op de markt

‘Vadertje Cats’ (1577-1660) was de populairste schrijver van de Gouden Eeuw, omdat zijn poëzie juist zo toegankelijk was voor de gewone man en vrouw. Zijn verhalen en gedichten muntten uit in praktische levenslessen. Destijds zou zijn werk in geen enkel gezin ontbroken hebben. Dat heeft geen enkele andere Nederlandse dichter bereikt.

 

Jacob Cats was een Zeeuw, geboren in Brouwershaven en naar school gegaan in Zierikzee. Hij studeerde rechten in Leiden, voltooide zijn studie in Frankrijk (Orléans) en vestigde zich aanvankelijk als advocaat in Den Haag. Zijn liefde voor Zeeland bracht hem in Middelburg waar hij werd aangesteld tot stadsadvocaat. In 1611 gaf hij echter zijn rechtspraktijk op om zich toe te leggen op ‘het delven van land’ in Zeeuws-Vlaanderen. Vlak bij Groede liet Jacob Cats een hoeve bouwen. Tijdens het twaalfjarig bestand liet deze dichter, die later zou uitgroeien tot een gerespecteerd staatsman, een twaalftal polders bedijken. Dat waren de Nieuwe Groedsche- of Oude Yvepolder, de Oude Groedsche polder, de Blokspolder, de Tuinpolder, de Isenpolder, de Oudepolder, de Stoutepolder of Zoutepolder, Proostpolder, de Gerard de Moorspolder, de Kleine Gerard de Moorspolder, de Cletemspolder en de ‘s Gravenpolder.

 

Veel plezier aan zijn inpolderingswerk in Zeeuws-Vlaanderen heeft hij echter niet beleefd. Om strategische redenen besloot men in de 80-jarige oorlog namelijk om grote delen van het gewonnen land weer onder water te zetten.

Het standbeeld op de markt is van Jacob Cats en is gemaakt door Jozef van Mierlo (Wateringen 1946), beeldhouwer te Groede